Zzp-inhuur in het ziekenhuis in 2026: beoordeel de praktijk, niet alleen het contract
Sinds 2026 kan de Belastingdienst bij schijnzelfstandigheid weer vergrijpboetes opleggen. Een praktisch kader voor opdracht, uitvoering en dossier.
Ziekenhuizen hebben flexibele capaciteit nodig, maar de naam 'zzp-overeenkomst' bepaalt niet of iemand fiscaal en arbeidsrechtelijk echt als zelfstandige werkt. De feitelijke samenwerking is doorslaggevend.
Daarom hoort de beoordeling niet alleen bij inkoop of juridische zaken. Planning, leidinggevenden en HR beïnvloeden dagelijks hoe de opdracht in de praktijk wordt uitgevoerd.
Wat sinds 2025 en 2026 veranderde
De Belastingdienst hanteert sinds 1 januari 2025 weer de normale regels voor handhaving van arbeidsrelaties. Bij vastgestelde schijnzelfstandigheid kunnen direct correctieverplichtingen en naheffingsaanslagen loonheffingen volgen.
In 2025 werden nog geen verzuim- en vergrijpboetes opgelegd. Vanaf 1 januari 2026 kunnen wel vergrijpboetes worden opgelegd; de Belastingdienst vermeldt dat in 2026 nog geen verzuimboetes worden opgelegd. Naheffing gaat in beginsel niet verder terug dan 1 januari 2025, behalve bij onder meer kwaadwillendheid of het niet opvolgen van een eerdere aanwijzing.
Het contract is maar één onderdeel
Opdrachtgever en opdrachtnemer zijn samen verantwoordelijk voor de beoordeling van hun arbeidsrelatie. Daarbij tellen alle feiten en omstandigheden mee. Een modelovereenkomst helpt alleen wanneer de feitelijke uitvoering overeenkomt met wat is afgesproken.
Rijksoverheid noemt als mogelijke aanpassing onder meer meer zelfstandigheid in de uitvoering en eigen ondernemersrisico. Dat is geen losse checklist waarmee iedere opdracht automatisch buiten loondienst valt. De samenhang van de werkrelatie blijft bepalend.
Ziekenhuisprocessen kunnen de praktijk veranderen
Een opdracht kan op papier zelfstandig lijken en in de dagelijkse operatie steeds meer op een regulier dienstverband gaan lijken. Denk aan structurele inroostering, dezelfde aansturing als werknemers, langdurige inbedding in één team en weinig ruimte om de opdracht zelfstandig uit te voeren.
Niet elk van deze kenmerken beslist de uitkomst op zichzelf. Ze maken wel duidelijk waarom een eenmalige contractcontrole onvoldoende is. Herbeoordeling is nodig wanneer duur, aansturing of werkzaamheden wezenlijk veranderen.
Maak eigenaarschap expliciet
Leg vast wie de arbeidsrelatie beoordeelt, wie veranderingen in de uitvoering signaleert en wanneer een opdracht opnieuw wordt getoetst. Zorg dat planning en teamleiding weten welke afspraken voor de uitvoering relevant zijn.
Houd deze fiscale en arbeidsrechtelijke beoordeling gescheiden van controles op bevoegdheid, bekwaamheid en arbeidsverleden. Ook een echte zelfstandige moet als zorgverlener geschikt en verantwoord inzetbaar zijn.
Praktijkcheck
Dossier voor een herhaalbare beoordeling
- Beschrijf resultaat, duur, zelfstandigheid en verantwoordelijkheden van de opdracht.
- Toets de feitelijke uitvoering, niet alleen de ondertekende overeenkomst.
- Herbeoordeel bij verlenging, andere aansturing, structurele roostering of gewijzigde taken.
- Leg conclusie, bronnen, beoordelaar en datum herleidbaar vast.
- Scheid de arbeidsrelatiebeoordeling van zorginhoudelijke inzetbaarheidscontroles.
Conclusie
De veiligste vraag is niet of er een zzp-contract ligt, maar of de dagelijkse samenwerking nog past bij zelfstandig ondernemerschap. Dat vraagt om periodieke controle van de praktijk.
Bronnen
Gebruikte primaire bronnen
- Arbeidsrelaties en handhaving door de BelastingdienstBelastingdienst
- Arbeidsrelaties: zzp ja of neeBelastingdienst
- Het juiste contract: zzp ja of nee?Rijksoverheid
Laatste inhoudelijke controle: 8 augustus 2026. Deze publicatie is algemene informatie en geen juridisch, medisch of individueel arbeidsrechtelijk advies.