Arbeidsvoorwaarden

ORT in het ziekenhuis: bereken gewerkte uren, vakantie en ziekte via drie aparte routes

De Cao Ziekenhuizen gebruikt voor gewerkte onregelmatige uren, wettelijke vakantie en ziekte drie verschillende berekeningen. Zo houdt HR de grondslag, referteperiode en looncomponenten uit elkaar.

Door WorkVine Kennislab11 min leestijd

Onregelmatigheidstoeslag is in een ziekenhuis geen bedrag dat in iedere situatie met dezelfde formule doorloopt. De Cao Ziekenhuizen 2025-2027 onderscheidt de toeslag voor werkelijk gewerkte uren, loon tijdens wettelijke vakantie en loondoorbetaling tijdens arbeidsongeschiktheid. Iedere route heeft een eigen grondslag en referteperiode.

Als één generieke ORT-regel alle drie situaties verwerkt, kunnen tijdvakpercentages, gemiddelde toeslagen en structurele looncomponenten ongemerkt door elkaar gaan lopen. Dit artikel zet de cao-systematiek uiteen en vertaalt die naar controlepunten voor HR, planning en salarisadministratie. Individuele aanspraken blijven afhankelijk van de volledige cao, contractgegevens en feitelijke situatie.

Norm

Route 1: gewerkte uren volgen tijdvak en uurloon

Hoofdstuk 9 van de Cao Ziekenhuizen kent onregelmatigheidstoeslag toe aan werknemers die niet hoger zijn ingedeeld dan FWG 70. De toeslag wordt berekend over het uurloon voor uren die daadwerkelijk binnen de aangewezen onregelmatige tijdvakken zijn gewerkt.

De cao noemt percentages van 22, 38, 47, 52 en 60 procent, afhankelijk van dag en tijdvak. Voor de berekeningsgrondslag geldt een maximumbedrag: vanaf 1 januari 2026 is dat het uurloon afgeleid van periodiek 36. De salarisschaal van de werknemer, het toepasselijke tijdvak en de cao-grondslag moeten daarom als afzonderlijke gegevens in de loonregel blijven staan.

Norm

Route 2: wettelijke vakantie gebruikt een zesmaandsgemiddelde

Artikel 12.1 bepaalt dat tijdens wettelijke vakantie het loon wordt doorbetaald, inclusief een vergoeding voor gemiste onregelmatigheidstoeslag. Die vergoeding is gebaseerd op het gemiddelde ORT-percentage over de zes maanden voorafgaand aan de maand waarin de vakantie wordt opgenomen.

De cao begrenst deze vergoeding bij voltijd tot 144 wettelijke vakantie-uren per kalenderjaar. Bij een afwijkende arbeidsduur werkt die omvang naar rato. Dit is dus geen herberekening van een fictief rooster en ook niet automatisch het gemiddelde bedrag van iedere variabele toeslag; het gaat om de in de cao benoemde ORT-vergoeding over de toepasselijke wettelijke vakantie-uren.

Norm

Route 3: ziekte kijkt naar structurele looncomponenten

Hoofdstuk 4 regelt welk loon tijdens arbeidsongeschiktheid wordt doorbetaald. Tot het loon behoren naast het salaris structurele looncomponenten, waaronder onregelmatigheidstoeslag en vergoedingen voor bereikbaarheids-, aanwezigheids- en consignatiediensten. De hoogte wordt per maand vastgesteld op basis van de zes kalendermaanden vóór de maand waarin de arbeidsongeschiktheid begon.

De cao vult in de eerste 52 weken aan tot 100 procent van dit loon. In de tweede 52 weken geldt in beginsel 70 procent, ten minste het wettelijk minimumloon. Over uren waarin de werknemer passende arbeid of re-integratiewerk verricht, noemt de cao een aanvulling tot 100 procent. Voor een individuele berekening moeten ook de overige voorwaarden en uitzonderingen uit hoofdstuk 4 worden beoordeeld.

Duiding

Dezelfde zes maanden betekenen niet dezelfde berekening

Zowel vakantie als ziekte gebruikt een referteperiode van zes maanden, maar de meetmomenten en uitkomsten verschillen. Bij vakantie gaat het om de zes maanden vóór de maand van opname en om een gemiddeld ORT-percentage. Bij ziekte wordt gekeken naar de zes maanden vóór de maand waarin de arbeidsongeschiktheid aanving en naar de in hoofdstuk 4 genoemde structurele looncomponenten.

Kopieer daarom niet één refertebedrag naar beide loonsoorten. Bewaar per uitkomst welke gebeurtenis de referteperiode heeft vastgezet, welke maanden zijn gebruikt, welke looncomponenten zijn meegenomen en welke cao-route de berekening rechtvaardigt.

Praktijkkeuze

Gebruik drie triggers en bewaar de berekeningsroute

Laat een rooster of gerealiseerde uren route 1 voeden. Laat goedgekeurde wettelijke vakantie route 2 activeren en de eerste ziektedag route 3. Een mutatie in de ene stroom mag niet stilzwijgend de referteperiode of grondslag van een andere stroom overschrijven.

Een herleidbare salarisregel toont bronuren, tijdvak, percentage, grondslag, referteperiode en uitkomst. Bij correcties moet zichtbaar blijven welke oorspronkelijke gegevens zijn gewijzigd. Zo kunnen planning, HR en salarisadministratie dezelfde betaling controleren zonder elkaars interpretatie te reconstrueren.

  • gewerkte ORT-uren per datum en cao-tijdvak;
  • toegepast percentage en gemaximeerde uurloongrondslag;
  • vakantie- of ziekmelding als afzonderlijke berekeningstrigger;
  • exacte begin- en eindmaand van iedere referteperiode;
  • meegenomen looncomponenten en reden van eventuele correctie.
Praktijkkeuze

Test grensgevallen vóór de loonrun

Test minimaal een medewerker met wisselende diensten, een vakantie rond een maandgrens, ziekte die in een nieuwe maand begint, een deeltijdwijziging en een correctie van eerder geregistreerde ORT. Controleer daarnaast werknemers boven FWG 70 en werknemers van wie het uurloon boven de cao-grondslag ligt.

Vergelijk niet alleen het eindbedrag. Controleer ook of de juiste route is gestart, of de zes referentiemaanden vaststaan en of wettelijke vakantie-uren apart herkenbaar blijven. Een sluitende totaalsom kan nog steeds op een verkeerde cao-route zijn gebaseerd.

Praktijkcheck

Controleer deze acht punten per ORT-berekening

  1. Gaat het om werkelijk gewerkte uren, wettelijke vakantie of arbeidsongeschiktheid?
  2. Valt de werknemer voor gewerkte uren binnen de FWG-grens van de cao?
  3. Zijn dag, tijdvak, percentage en gemaximeerde uurloongrondslag juist vastgelegd?
  4. Is bij vakantie het gemiddelde ORT-percentage over de juiste zes maanden gebruikt?
  5. Blijft de vakantievergoeding binnen het toepasselijke aantal wettelijke vakantie-uren?
  6. Zijn bij ziekte alleen de in hoofdstuk 4 relevante structurele looncomponenten meegenomen?
  7. Is de referteperiode vastgezet op basis van de juiste gebeurtenismaand?
  8. Zijn correcties herleidbaar tot bronuren, looncomponenten en cao-route?

Conclusie

ORT bij werk, vakantie en ziekte hoort niet in één ongedifferentieerde loonregel. Door drie berekeningsroutes met eigen triggers, grondslagen en refertegegevens te gebruiken, kan een ziekenhuis de uitkomst uitleggen en fouten gericht herstellen. De cao blijft daarbij de norm; de administratie maakt zichtbaar hoe die norm op de feitelijke gegevens is toegepast.

Bronnen

Gebruikte primaire bronnen

  1. Onregelmatige dienst — hoofdstuk 9Cao Ziekenhuizen
  2. Vakantie, persoonlijk levensfasebudget, verlof en Wet arbeid en zorg — hoofdstuk 12Cao Ziekenhuizen
  3. Ziekte en arbeidsongeschiktheid — hoofdstuk 4Cao Ziekenhuizen

Laatste inhoudelijke controle: 20 augustus 2026. Deze publicatie is algemene informatie en geen juridisch, medisch of individueel arbeidsrechtelijk advies.